Preek

IS VAN MIJN VADER
bij Johannes 15 vers 9 en Johannes 17 vers 9

Soms zie je op de vuile achterkant van een auto, meestal een bestelwagen, een woord of een tekst die door de een of ander met een vinger in het stof werd geschreven.
“Vies”
“IK WIL GEWASSEN WORDEN!”
“OOK IN WIT LEVERBAAR”
Zo’n auto draagt die tekst dan overal mee waar hij gaat of staat. Een tijdje geleden reed ik achter zo’n bestelwagen. In het stof op de achterkant van die auto stond met onhandige letters geschreven:
“IS VAN MIJN VADER!”
Dat had vast een kind erop geschreven, met trots en met liefde. In het stof gegrift: “Is van mijn vader”.
Vóór mij rijdt dan ook niet zomaar een bestelwagen.
In de bestuurderscabine van die auto zit een vader.
Zijn dochtertje of zoontje is trots op hem en houdt van hem. En daarom moeten anderen respect hebben voor zijn auto, want, denk er om: hij is van mijn vader.
Is van mijn Vader……. Dat proef ik ook in de manier waarop Jezus met mensen omging. Als Jezus weet dat zijn einde nadert, bidt Hij voor zijn volgelingen.
In een smeekgebed draagt Hij hen op aan God, zijn Vader.“Ik bid voor hen, want ze zijn van U .”
Zo kijkt Jezus naar mensen, naar u, naar mij
Door alle buitenkant heen, door al onze maskers, door al onze fouten, door al onze verschillen heen.
Schrijft Hij op ons voorhoofd: IS VAN MIJN VADER?

Zouden wij dat ook op elkaars voorhoofd durven schrijven: Is van mijn vader?
Wij zouden het beeld van God, dat ieder mens, u, ik , in zich draagt doen oplichten.
Als christenen belijden we dat de mens is geschapen als beeld van God.
Dan mag van mij: niemand zeggen: Dat geldt niet voor mij. Je zou God in zijn liefde voor zijn schepping, daarmee ernstig tekort doen.
Je zou jezelf schromelijk onderschatten.
Je mag ook niet denken, dat geldt niet voor hem, of voor haar, want die gelooft zo anders, die denkt zo vreemd, die handelt verkeerd. Je zou God in zijn liefde voor zijn schepping, daarmee teleurstellen. Je zou die ander vreselijk tekort doen. Alle mensen zijn geschapen naar Gods beeld en gelijkenis. Ze dragen allemaal het merkteken: Is van mijn Vader.
Als we elkaar werkelijk zo durven zien en dat mag, in Jezus Naam. Hij ging om met mensen met wie hij volgens de geldende burgerlijke en godsdienstige regels van die dagen niet om hoorde te gaan: Hoeren, landverraders, mensen die de wet niet hielden, mensen die anders geloofden. Hij zag onder het stof, onder alles wat het leven hen gebracht had, wat God in hen bedoeld had. En door zijn warmte en aanvaarding, lichtte het beeld van God in die door de maatschappij afgeschreven en door de toenmalige godsdienstige leiders verachte mensen , weer op. Het werd hem niet in dank afgenomen Hij werd daardoor zelf ongewenste vreemdeling, die uit de weg geruimd moest worden
en werd, omdat Hij tot het einde in mensen – denk aan de moordenaar die naast hem hing aan het kruis – hét teken bleef zien: Is van mijn Vader.

God heeft hem opgewekt en ons zijn Geest gegeven, Bezield door die Geest mogen we in zijn naam aan het
werk gaan en toe groeien naar het beeld dat God van ons voor ogen had toen Hij ons schiep. Mens – beelddrager van Hem- die leeft zoals Jezus het voordeed. Als we elkaar werkelijk zo durven zien, zal de liefde grenzen doorbreken. Muren slechten, muren die wij de eeuwen door tussen onze geloofstradities en culturen hebben opgetrokken. Zijn Geest leert ons de taal van de liefde spreken. Van Hem leren we dat we elkaar werkelijk kunnen en mogen ontmoeten; welke huidskleur we ook hebben, welke godsdienst we ook belijden. Ieder draagt het merkteken: Is van mijn Vader.

Ds. Anja van Alphen

Comments are closed.